Manen van Jupiter
Lagen & Atmosfeer Ontstaan Ringen Ruimtevaart
De reuzenplaneet Jupiter heeft minimaal 67 manen, en heeft daarmee het grootste aantal manen van alle planeten in het zonnestelsel. Van de 67 manen zijn er 51 minder dan 10 kilometer in doorsnede. De vier grootste manen (Callisto, Europa, Ganymedes en Io; de Galile´sche manen) werden ontdekt in 1610 door Galileo Galilei, en waren de eerste gevonden objecten rondom een andere planeet. Dat zorgde toen voor nogal wat opschudding, want in de 17e eeuw dacht bijna iedereen nog dat alles in het zonnestelsel rond onze aarde draaide. De andere 63 manen en de ringen van Jupiter vallen in het niets qua massa in vergelijking met deze vier manen. Vanaf het einde van de 19e eeuw zijn tientallen veel kleinere manen bij Jupiter ontdekt, en hebben deze namen van geliefden, veroveringen, of dochters van de Romeinse oppergod Jupiter gekregen.



Ontdekking en naamgeving
Eerste waarnemingen
De eerste waarnemingen van de manen van Jupiter werden gedaan door de Italiaanse astronoom Galileo Galilei in 1609. In maart 1610 had hij de vier grootste manen van Jupiter waargenomen met zijn telescoop: Callisto, Europa, Ganymedes en Io. Tot 1892 werden geen nieuwe manen bij Jupiter gevonden, in dit jaar vond de Amerikaanse astronoom Edward Barnard het maantje Amalthea. Door snelle ontwikkelingen in het gebruik van telescopen volgden ontdekkingen van nieuwe maantjes in de loop van de 20e eeuw snel achter elkaar. Himalia werd ontdekt in 1904, Elara in 1905, PasiphaŰ in 1908, Sinope in 1914, Lysithea en Carme in 1938, Ananke in 1951 en Leda in 1974.

Waarnemingen van ruimtevaartuigen
Toen de beide Voyagers in 1979 langs Jupiter vlogen, waren er inmiddels 13 manen ontdekt bij de reuzenplaneet. De Voyagers ontdekten vervolgens nog 3 binnenste manen: Metis, Adrastea en Thebe.


Naamgeving
De Galile´sche manen van Jupiter (Callisto, Europa, Ganymedes en Io) werden genoemd door Simon Marius, na hun ontdekking in 1610. Echter, deze namen viel niet in de smaak tot de 20ste eeuw: de astronomische literatuur verwees in plaats daarvan naar Jupiter I, Jupiter II, enzovoorts. Het is nu gebruikelijk om nieuw ontdekte manen van Jupiter naar de geliefden van de Romeinse oppergod Jupiter (Zeus in het Grieks) te noemen en, sinds 2004, ook naar hun zonen en dochters. Sommige planeto´den hebben dezelfde naam gekregen als maantjes van Jupiter, waaronder de namen van de vier Galile´sche manen.


Groepen
Regelmatige manen
De regelmatige manen hebben bijna cirkelvormige banen en zijn onderverdeeld in twee groepen, de binnenste manen en de Galile´sche manen.

Binnenste manen
De binnenste manen groep bestaat uit Metis, Adrastea, Amalthea en Thebe. Deze manen hebben een zeer korte omlooptijd rondom Jupiter. Metis en Adrastea zorgen voor het in stand houden van de vage ringen van Jupiter, terwijl Amalthea en Thebe elk eigen zwakke ringen hebben.


Galile´sche manen
De Galile´sche manen zijn Callisto, Europa, Ganymedes en Io. Het zijn enkele van de grootste objecten in het zonnestelsel, na de zon en de acht planeten en ze zijn groter dan alle bekende dwergplaneten, Ganymedes is zelfs groter dan de planeet Mercurius.

De vier Galile´sche manen bevatten bijna 99,999% van de totale massa dat in een baan rond Jupiter zweeft.

Modellen suggereren dat deze manen over een periode van miljoenen jaren gevormd zijn in een gaswolk die achterbleef nadat Jupiter gevormd was. Op enkele van deze manen zijn mogelijk ondergrondse oceanen aanwezig.

Jupiter heeft nu vier grote manen, maar in de ontstaansperiode van het zonnestelsel zijn er waarschijnlijk wel twintig grote manen geweest.

Jupiter werd kort na zijn ontstaan omringd door een ronddraaiende materieschijf, die werd aangevuld door gas en stof uit de zonnenevel, dit was de schijf rond de zon waaruit de planeten zijn ontstaan.
Uit onderzoek blijkt dat de massa van deze schijf ongeveer 15 procent de massa van Jupiter zelf moet zijn geweest. De gezamenlijke massa van de huidige manen is slechts 2 procent van Jupiter. Dit verklaart waarom er eerst meer manen moeten zijn geweest.

In deze materieschijf werden manen gevormd, die door wisselwerking naar binnen toe draaiden, waar ze door Jupiter werden vernietigd. Vervolgens ontstond een nieuwe generatie manen, waarmee hetzelfde gebeurde. Op deze manier zijn er misschien wel vijf generaties van grote manen geweest.

De grote manen van Jupiter (Io, Europa, Ganymedes en Callisto) vormen de laatste generatie. Die bleef bestaan, omdat de materieschijf rond Jupiter niet langer door de zonnenevel werd aangevuld, deze was grotendeels door de stralingsdruk van de zon verdwenen.

Onregelmatige manen
De onregelmatige manen zijn kleinere objecten met een grotere afstand tot Jupiter en elliptische / chaotische banen. De onregelmatige manen worden ingedeeld in een aantal groepen op basis van hun afstand tot Jupiter of hun samenstelling: de Himalia, Carme, Ananke en PasiphaŰ groep. Daarnaast zijn er nog een aantal maantjes die niet tot een groep behoren.


Tabel van alle manen
De manen van Jupiter worden hier opgesomd op ontdekkingsjaar, van vroeger naar nu. Indien er in hetzelfde jaar meerdere manen zijn ontdekt, zijn deze gesorteerd op hun afstand vanaf Saturnus (dichtbij naar verder weg).

Naam Afbeelding Ontdekkingsjaar Ontdekker Doorsnede (km) Massa (x1016 kg) Afstand van planeet (km) Groep
Io 1610 Galileo Galilei 3.643 8.931.900 421.700 Galile´sche
Europa 1610 Galileo Galilei 3.122 4.800.000 671.034 Galile´sche
Ganymedes 1610 Galileo Galilei 5.264 14.819.000 1.070.412 Galile´sche
Callisto 1610 Galileo Galilei 4.821 10.759.000 1.882.709 Galile´sche
Amalthea 1892 Barnard 167 208 181.366 Binnenste
Himalia 1904 Perrine 170 670 11.451.971 Himalia
Elara 1905 Perrine 86 87 11.778.034 Himalia
Pasiphae 1908 Melotte 60 30 23.609.042 Pasiphae
Sinope 1914 Nicholson 38 7,5 24.057.865 Pasiphae
Lysithea 1938 Nicholson 36 6,3 11.740.560 Himalia
Carme 1938 Nicholson 46 13 23.197.992 Carme
Ananke 1951 Nicholson 28 3 21.454.952 Ananke
Leda 1974 Kowal 16 0,6 11.187.781 Himalia
Themisto 1975 Kowal & Roemer 8 0,07 7.393.216 Themisto
Metis 1979 Voyager 1 43 3,6 127.690 Binnenste
Adrastea 1979 Voyager 2 16 0,2 128.690 Binnenste
Thebe 1979 Voyager 1 99 43 221.889 Binnenste
46 maantjes 2000 - 2004 Sheppard en anderen 1 - 9 0,0015 - 0,021 12.570.424 - 30.290.846 diverse
S/2010 J 2 2010 Veillet 1 - 20.307.150 Ananke
S/2010 J 1 2010 Jacobson en anderen 2 - 23.314.335 Pasiphae
S/2011 J 1 2011 Sheppard en anderen 1 - 20.155.290 -
S/2011 J 2 2011 Sheppard en anderen 1 - 23.329.710 Pasiphae

Lees meer over Jupiter:

Lagen & Atmosfeer Ontstaan Ringen Ruimtevaart