Lagen & Atmosfeer van de Aarde
Ontstaan De maan Ruimtevaart Telescopen
De oppervlaktetemperatuur varieert van -89,2 C tot 57,8 C.
De aarde ligt in de bewoonbare zone, waar de temperatuur precies goed is om de aanwezigheid van vloeibaar water mogelijk te maken.

Het ontstaan van het leven op aarde vond plaats op het moment dat er meer zuurstof in de atmosfeer kwam.

De grootste stijging van zuurstof vond plaats tussen 1,3 en 0,6 miljard jaar geleden, vanaf 0,6 miljard jaar geleden werd het huidige gehalte bereikt.

Bacterieel onderzoek laat zien dat het eerste zuurstof 2,4 miljard jaar geleden in de atmosfeer terechtkwam.
De onderzoeken zijn mogelijk gemaakt door nieuwe hulpmiddelen bij het zoeken naar fossielen van micro-organismen.

Samenstelling van de hele aarde:
  • 32,1% IJzer
  • 30,1% Zuurstof
  • 15,1% Silicium
  • 13,9% Magnesium
  • 2,9% Zwavel
  • 1,8% Nikkel
  • 1,5% Calcium
  • 1,4% Aluminium
  • 1,2% Overig

Aardkorst

De aardkorst is de buitenste laag van de aarde. De dikte van de aardkorst is niet overal gelijk.
Onder het land is hij ongeveer 35-60 kilometer dik. Onder de oceanen is hij ongeveer 7-8 kilometer dik.

De landkorst bestaat uit (alles bevat ook zuurstof):
  • 60,2% Silicium
  • 15,2% Aluminium
  • 5,5% Calcium
  • 3,8% IJzer (II)
  • 3,1% Magnesium
  • 3,0% Natrium
  • 2,8% Kalium
  • 2,5% IJzer (III)
  • 1,4% Water
  • 2,5% Overig
De oceaankorst bestaat uit (alles bevat ook zuurstof):
  • 48,6% Silicium
  • 16,5% Aluminium
  • 12,3% Calcium
  • 6,8% Magnesium
  • 6,2% IJzer (II)
  • 2,6% Natrium
  • 2,3% IJzer (III)
  • 1,1% Water
  • 0,4% Kalium
  • 3,2% Overig
Bron: NASA

Mantel

Tussen de kern van de aarde en de korst ligt de aardmantel, deze heeft een doorsnede (schil) van ongeveer 2900 kilometer. De mantel bestaat uit twee delen, de boven- en de binnen(onder)mantel en een overgangszone.

Bovenmantel

De bovenmantel strekt zich vanaf de korst uit tot ongeveer 400 kilometer diepte.
De temperatuur in deze mantel varieert tussen de 1000-3200 C.

Overgangszone

De overgangszone is het gebied tussen de boven- en de binnenmantel.
Deze zone heeft een doorsnede van ongeveer 500 kilometer.

Ondermantel

De binnenmantel strekt zich vanaf de overgangszone uit tot ongeveer 2900 kilometer diepte.
De binnenmantel heeft een temperatuur van ongeveer 3200 C.

Kern

De kern strekt zich uit vanaf de binnenmantel (of ondermantel) tot aan het middelpunt van de aarde op ongeveer 6370 kilometer diepte.
De binnenmantel bestaat vooral uit silicium, magnesium ijzer en zuurstof.

De kern bestaat vooral uit ijzer en nikkel.
De kern bestaat uit een vloeibare buiten- en een vaste binnenkern.

Buitenkern

De vloeibare buitenkern heeft een doorsnede van 2200 kilometer.
De temperatuur in de buitenkern is ongeveer 2900 C.
Gas- of vloeistofstromingen in de buitenkern zouden verantwoordelijk zijn voor het magnetische veld van de aarde.

Binnenkern

De binnenkern is een vaste bol en heeft een straal van 1250 kilometer.
De temperatuur in de binnenkern is ongeveer 7500 C.

Atmosfeer

De atmosfeer beschermt ons tegen gevaarlijke stralingen.

Bron: NASA

De samenstelling van de atmosfeer is:
  • 78% Stikstof
  • 21% Zuurstof
  • 0,93% Argon
  • 0,04% Koolstofdioxide
  • 0,03% Overig
De lagen van de atmosfeer zijn:
  • Troposfeer: 0 - 17 kilometer (temperatuur neemt af)
  • Tussen 15 en 30 kilometer hoogte bevindt zich de ozonlaag die ons beschermt tegen ultraviolette straling (UV)
  • Stratosfeer: 17 - 50 kilometer (temperatuur neemt toe)
  • Mesosfeer: 50 - 85 kilometer (temperatuur neemt af)
  • Thermosfeer: 85 - 700 kilometer (temperatuur neemt toe)
  • Exosfeer: 700 - 10.000 kilometer (temperatuur blijft gelijk)
Het bijzondere aan de aarde is het water, 71% van de oppervlakte bestaat hieruit.
Zonder water zou er op aarde geen leven zijn.